De manier waarop de kosten voor het thuis opladen van elektrische bedrijfsauto's worden gerapporteerd en vergoed namens werkgevers, evolueert snel. In Duitsland heeft het Bundesministerium der Finanzen onlangs zijn belastingrichtlijnen herzien om meer duidelijkheid en rechtszekerheid te bieden voor zowel werkgevers als werknemers.
Een opvallende en zeer relevante wijziging is dat de interne meter van het voertuig nu officieel wordt erkend als een geldig bewijsmiddel voor het meten en vergoeden van thuis opgeladen elektriciteit.
Een belangrijke stap in de richting van vereenvoudiging
Tot voor kort waren de regels rond de vergoeding van thuisladen vaak complex en moeilijk toe te passen in de praktijk.
Met de nieuwe circulaire streeft het Duitse ministerie het volgende na:
— Vermindering van de administratieve lasten
— Wegwerken van bestaande onduidelijkheden
— Meer rechtszekerheid voor alle betrokken partijen.
Op basis van data van het European Alternative Fuels Observatory (EAFO), rijden in Duitsland momenteel meer dan 3 miljoen (volledig of gedeeltelijk) elektrisch aangedreven wagens1 rond, waarvan zo’n 2 miljoen volledig elektrisch (BEV). Duitsland wordt naast Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk daarmee algemeen aanzien als het land met de grootste (volledig of gedeeltelijk) geëlektrificeerde vloot van Europa. De verwachting is dat dit een behoorlijke administratieve vereenvoudiging mogelijk zal maken voor werkgevers die thuislaadkosten willen vergoeden.
Interne meter van het voertuig officieel erkend
In de
gepubliceerde circulaire wordt expliciet verwezen naar de
interne meter van het voertuig ("fahrzeuginternen Zähler", artikel 27) als een
toegestane en betrouwbare bron voor de meting van het aantal verbruikte kWh bij thuisladen.
Concreet betekent dit dat:
—
Laaddata afkomstig van het voertuig zelf mag worden gebruikt als bewijs
— Door autofabrikanten beschikbaar gestelde gegevens, zoals oplaadlocatie en opgeladen energie, worden geaccepteerd
— Het scala aan aanvaardbare bewijsmiddelen wordt aanzienlijk uitgebreid.
Naast de meterstanden van de wallbox worden voertuiggegevens nu officieel erkend als een volledig geldig alternatief.
Van impliciete acceptatie naar expliciete erkenning
Belangrijk om hierbij te benadrukken is dat voertuigdata, wanneer deze wordt ontsloten via officiële overeenkomsten met autoconstructeurs, technisch al langer voldeed aan de geldende accuraatheids- en betrouwbaarheidseisen voor terugbetaling van thuisladen.
Wat tot nu toe ontbrak, was niet technische conformiteit, maar een expliciete fiscale en administratieve erkenning. Met deze circulaire is die stap nu formeel gezet. Dit biedt extra rechtszekerheid en bevestigt dat datagestuurde oplossingen op basis van gevalideerde voertuigmetingen ook vanuit regelgevend oogpunt aanvaardbaar zijn.
Geen wettelijke kalibratievereiste voor de wallbox-meter
Een ander belangrijk punt: volgens de Duitse circulaire hoeft een aparte elektriciteitsmeter aan de wallbox
niet te voldoen aan de wettelijke metrologievereisten. Dit verlaagt opnieuw de drempel voor thuisladen en maakt terugbetalingsmodellen eenvoudiger en toegankelijker.
Relevantie voor Europa
Hoewel deze circulaire afkomstig is uit Duitsland, is ze ook
bijzonder relevant voor Europa. De Duitse richtlijnen vormen namelijk een
gezaghebbende interpretatie van de Europese btw- en meetprincipes, die gebaseerd zijn op dezelfde EU-wetgeving als in landen als België, Frankrijk, Nederland, Spanje,...
Dat maakt dit document een belangrijke
referentie voor een consistente Europese toepassing, en een sterk signaal dat ook andere lidstaten deze evolutie kunnen volgen.
Wat betekent dit voor werkgevers en mobiliteitsaanbieders?
Voor werkgevers met elektrische bedrijfsauto's betekent dit een aanzienlijke administratieve vereenvoudiging:
— Eenvoudigere terugbetalingsprocessen
— Minder hardwarevereisten
— Meer flexibiliteit in thuislaadoplossingen
Voor aanbieders van mobiliteits- en laadoplossingen onderstreept dit het belang van
betrouwbare dataverwerking en -integratie, waarbij voertuigdata een steeds centralere rol speelt.
Meer weten?
De officiële circulaire van het Duitse Ministerie van Financiën kan je
hier raadplegen.
1 Personenauto's M1 en lichte bedrijfsvoertuigen N1